KOOI VAN ASPEREN



Naam: Kooi van Asperen of Van Asperenkoai of Lytse Koai
Eerste vermelding: ca. 1750
Ligging: in De Kolken, onder Anjum
Aantal vangpijpen: 4
Recht van afpaling/aantal meters: ja / 1200 meter
Kooitype: Fries
Landschap: is gelegen in een nat open weide gebied, nabij het Lauwersmeer
Eigenaar: It Fryske Gea
Huidige functie: excursiekooi (incidenteel)
Toegankelijk: alleen tijdens excursies

 

Naamgeving

De Van Asperenkooien zijn twee kooi gelegen in De Kolken onder Anjum. Ze zijn vernoemd naar Popke van Asperen die de kooien in 1942 aan It Fryske Gea heeft nagelaten. De kooi die hieronder wordt beschreven, de noordelijke, wordt soms ook Lytse Koai (kleine kooi) genoemd.

Op de kaart van Eekhoff zijn de eendenkooien nabij Anjum goed te zien, de meest noordelijke kooi is de Kooi van Asperen. (bron: Eekhoff, oost-dongeradeel 1855, Tresoar)

 

De Van Asperens

Over de vroege geschiedenis van de Kooi van Asperen is weinig bekend. En wat er over is geschreven, is niet altijd even duidelijk. Wat we wel weten is dat poelier Popke van Asperen de kooi in 1887 kocht. Hij verkocht de gevangen eenden aan zijn zoon Hendrikus van Asperen. Toen Popke stierf, erfde Hendrikus de kooi. In 1900 kocht hij ook de Auke Talsmakooi. Uiteindelijk had hij vier kooien in bezit. Zijn zoon, Popke van Asperen - vernoemd naar zijn grootvader - liet de kooi in 1942 na aan It Fryske Gea. Hij liet in de bepaling wel opnemen dat er niet meer mocht worden gevangen in de kooi.

 

Laag land

De polders tussen Anjum en Ee zijn voor de afwatering altijd afhankelijk geweest van de Zuider Ee. Het water liep via deze voormalige slenk naar de sluis bij Ezumazijl, waar het de Lauwerszee in stroomde. Hoog tij of verkeerde wind belemmerde de waterafvoer, waardoor de lage gebieden langs de Zuider Ee vaak onder water stonden. Het gebied waar de kooien liggen, De Kolken, was één van de laagste gebieden.

Het landschap rond de Anjumer Kolken in 1950. De kooibosjes zijn de enige opgaande begroeiing in de wijde omgeving (bron: Topografische dienst, kadaster)

 

De omstandigheden waren gunstig voor een eendenkooi. Toch was de slechte waterhuishouding aanleiding om in 1939 een ruilverkaveling te vragen. Vooruitgang in de landbouw was bij de toenmalige omstandigheden niet mogelijk. Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog duurde het tot 1949 voordat het tot een stemming kwam. Van alle grondeigenaren stemden 76 voor de ruilverkaveling en 80 tegen. Van de 357 eigenaren die niet kwamen opdagen, werd verwacht dat deze voorgestemd zouden hebben. Hiermee kwam de stand op 433 voor en 80 tegen en was de ruilverkaveling van De Kolken een feit.

 

Negatieve gevolgen

In 1955 werd nog een ruilverkaveling aangevraagd. Ditmaal betrof het een groter gebied. Het strekte zich uit over de gemeenten Dokkum, Dantumadeel en Ferwerderadeel. De Kolken maakten deel uit van deze ruilverkaveling, die als Oost- en Westdongeradeel de boeken is ingegaan.

De ruilverkavelingen waren een zege voor de landbouw in, maar voor de kooien waren de gevolgen voornamelijk negatief. Met name de veranderingen in de waterhuishouding hadden een negatieve invloed. Wel werd tijdens de ruilverkaveling een gebied van ca. 100 hectare in De Kolken toegewezen aan It Fryske Gea. Ook werd het recht van afpaling van beide kooien vastgelegd.

Tussen 1950 en 1982 wordt een groot deel van het Lauwersmeer ingepolderd. De aanleg van wegen  tijdens de ruilverkaveling en de (niet zichtbare) verandering in de waterhuishouding hebben grote invloed op de kooi (bron: Topografische dienst, Kadaster)

 

Brand

Rond 1990 werd het kooihuis gesloopt en verhuisden de bewoners naar het kooihuis van de zuidelijke kooi. Vanaf circa 1990 wordt de kooi intensief onderhouden door een groep vrijwilligers van It Fryske Gea. In 2014 zagen zij een deel van hun werk in rook opgaan. In augustus ontdekten zij dat er een brand in de kooi had gewoed. Een aantal van de rietschermen rond de kooi waren compleet verwoest.

 

Herstel

De Kongsi van de Eendenkooi werkt aan herstel van de kooi. De verwachting is dat de kooi eind 2017 weer helemaal is opgeknapt en weer jaren vooruit kan.

 

Overzicht kooikers en eigenaren:

1747-1751 Thomas Fransen
1753-1773 Foppe Foppes
1807- Boele Thymens
1810 – Foeke Douwes (noemt zich later Dijkstra)
1824 – 1831 Uilke en Gerrit-Jan Smids
1857 – Popke van Asperen
1870- Hendrikus van Asperen
1904- Popke van Asperen
1936- 1943 Melle Arends Castelein

 

Huurders:

1831- Fokke Boelens Kooistra (zoon boelen thymens)
1858-1882 Meindert Fokkes (zoon Fokke Boelens)
1882 - 1905  Arend Cornelis Castelein getr. Renske Mellis Castelein
1905- 1917 Jan Tjibkes Montsma
1917- 1932 Hedzer Arend Castelein (zoon van Arend Cornelis Castelein getr. Renske Mellis Castelein, heeft ook op Nieuw Onrust gewerkt.

 

Literatuur:

  • G. Mast. 2003: De eendenkooi van Ternaard. Directie Noord van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
  • G. Mast, 2012: De kooiboekjes van de familie Castelein (1983-1916) van de Van Asperenkoai te Suwâld. In: Het kijkgat, nummer 26 (december 2012) pp. 22-25
  • O. Eenshuistra. 1983: Nog iets over de eendenkooien in Friesland. In: Vanellus, jaargang 36, nummer 2 (maart-april 1983). pp. 30-35
  • J. Akkerman, J., C. Boers, J.H. Holsbrink, et. al. (1993): ‘geen kinderwerk. 25 jaar ruilverkaveling Oost- en Westdongeradeel in woord en beeld. Standsorganisaties CBTB en LMF, Dongeradeel.

 

 

 

 

© 2018 KONGSI van de EENDENKOOI

powered by Natuurlijk !