Foto Dutch Heritage Photography

KOOI WESTPOLDER

 

Naam: Eendenkooi Westpolder (ook wel Manneplaats)
Eerste vermelding: 1897
Ligging: De Marne, Vierhuizen, Westpolder
Aantal vangpijpen: 4
Recht van afpaling/aantal meters: ja / 500 meter
Grootte: 0.63 ha.
Kooitype: Fries
Landschap: Is gelegen in een polder aan de waddenkust, tegen een voormalige zeedijk
Eigenaar: NV eendenkooi Westpolder (1906)
Kooiker(s): Hendrik Buwalda
Huidige functie: Vangkooi
Toegankelijk: nee
 

Nieuwe polder

Voor het begin van de ontstaansgeschiedenis van de kooi De Westpolder moeten we terug naar de tweede helft van de negentiende eeuw. Negen boeren kregen in 1873 groen licht van de provincie alsmede de staat om over te gaan op het inpolderen van hun gezamenlijke kwelders. In 1874 werd begonnen met het bedijken waarna in 1875 een nieuwe polder van 535 hectare gereed kwam. Vrij snel na het gereedkomen  werden er drie boerderijen gebouwd: De Manneplaats van L.H. Dijkhuis, Nieuw-Midhuizen van W.L. Dijkhuis en Nieuw-Onrust van K.J. de Cock.

Al in 1877 sloeg het noodlot toe. Door een combinatie van springtij en een zware storm stroomde de polder vol. Ook de dijk was niet bestand tegen dit geweld en brak op verschillende plaatsen. Zo ontstond ook het Grote Gat, een dijkdoorbraakkolk die  twintig jaar later wordt gebruikt als basis voor eendenkooi De Westpolder.

Ervaren bouwer

In 1897 gaf Lammert Helprich Dijkhuis, eigenaar van De Manneplaats, Koert Davinds opdracht een eendenkooi aan te leggen rond het Grote Gat. Koert Davids woonde bij de nabij gelegen Menkemaheerd waar hij al enige tijd kooiker was. De kooi bij Menkemaheerd zal vrijwel zeker als inspiratie gediend hebben voor besluit van L.H. Dijkhuis. Koert Davids had ook leiding gegeven bij het aanleggen van een kooi in de Banckspolder (Schiermonnikoog) in 1861 er was er jaren kooiker. Kortom, het was iemand met kennis van zaken. Hij werd de eerste kooiker van in de Westpolder.  

De kooi kwam gereed in de zomer van 1897 en in september van dat jaar werden de eerste eenden al verkocht. Voor de exploitatie van de kooi koos men voor een naamloze vennootschap. Deze heeft bestaat tot 1926 waarna werd besloten verder te gaan als maatschap. Het kooihuis is vrij snel na het gereedkomen van de kooi gebouwd. In 1898 werd in de statuten van de N.V. aangegeven dat de algemene vergaderingen in het kooihuis plaatsvonden.

Droogte

Volgens Van Weerden ving de kooi aanvankelijk goed en kwamen er smienten, talingen en pijlstaarten op af. Dit moet de buren bij Nieuw-Onrust eind negentiende eeuw het vertrouwen hebben gegeven ook een kooi te graven.  Deze nieuw-gegraven kolk was gevuld met fris water en de eenden gaven hieraan duidelijk de voorkeur boven het brakkere water uit de kooi de eendenkooi Westpolder. Daarop werd besloten deze enkele malen leeg te malen om het water te verversen. De toestand verbeterde na dit ingrijpen. Dat de kooi rond een voormalige dijkdoorbraak-kolk aangelegd is, heeft later wel nog een voordeel gehad. In 1911 en 1921 was het extreem droog en kwam de nieuw-gegraven kooi Onrust droog te liggen. Dit gebeurde niet in de gespoelde kooi de eendenkooi Westpolder.

 

Schommelende vangsten

De eendenkooi Westpolder is altijd een wisselvallig vangende kooi geweest. Zo werd in het seizoen 1906/07 circa 6000 war gevangen, maar bleef de teller ook steken beneden de 2000 war. In heel slechte seizoenen werd zelfs de 1000 war niet gehaald. Na circa 1930 veranderde de soortensamenstelling van de gevangen eenden en kwam er nauwelijks nog blauwgoed in de kooi. De oorzaak hiervan is niet met zekerheid te achterhalen, maar men vermoed wel dat het te maken heeft met het veranderen van de vegetatie op het wad. In dezelfde tijd nam het areaal zeegras af, terwijl het juist deze vegetatie is waarin deze vogels graag foerageren.

 

Ongenode gasten

Het bos rond de kooi is door de jaren flink gegroeid. Daardoor is de eendenkooi nu een opvallend element in het verder weidse polderlandschap. Dit is uiteraard gunstig voor het goed functioneren van de eendenkooi, maar de bosschages trekken ook ongenodigde gasten. Vooral in de herfst zijn het grote groepen spreeuwen en kraaien die de bomen gebruiken als slaapplaats en daarbij de omgeving niet ontzien. Pas opgekomen tarwe en rogge heeft hier erg onder te lijden en het verjagen van de vogels geeft in het vangseizoen problemen voor de kooiker. In 1957 gaat het zelfs zo ver dat men de hulp van de Plantenziektenkundige Dienst inschakelt. Deze voert in dat jaar geslaagde experimenten uit met het afspelen van een grammofoonplaat met geluiden van een in angst verkerende spreeuw.

Bijzonder is de houten schutting die aan de dijk-zijde van de kooi is aangelegd. De dijk loop vlak langs de kooi en de schutting helpt om verstoring in de kooi tegen te gaan. De dijk is openbaar begaanbaar en passanten zouden de rust in de kooi kunnen verstoren.

 

Rijksmonument

Sinds februari 1999 is de eendenkooi een rijksmonument. In de toelichting staat het volgende te lezen: “Eendenkooi "De Westpolder" is van algemeen cultuurhistorisch belang - als goed voorbeeld van een nog in gebruik zijnde laat negentiende-eeuwse kooi in particulier bezit - vanwege de hoge mate van gaafheid - vanwege de ruimtelijk-visuele relatie met de eendenkooi 'Nieuw Onrust' - vanwege de hoge mate van zeldzaamheid in de regio.” De Westpolder is de enige nog vangende eendenkooi in particulier bezit binnen de provincie Groningen. Hoewel het kooihuis nog wel bestaat is het wegens ‘onvoldoende kwaliteit’ niet inbegrepen bij de aanwijzing als rijksmonument.

 

Overzicht Kooikers

Koert Davids 1897
Derk Baarda 1906
Johannes Wopkes de Vries 1926
Sipke Kastelein 1939
Eelke Buwalda
Hendrik Buwalda 

 

Literatuur:

  • G. Mast, 1995: De eendenkooi "Onrust" in de Westpolder (nu bekend als "Nieuw Onrust"). Directie Noord van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
  • J.S. van Weerden, 1960: De Westpolder : de geschiedenis van een Waddenpolder en zijn ingelanden : uitgegeven als gedenkboek door het waterschap "De Westpolder" (Gr.). s.n.
  • T. Mansholt, 2000: De Westpolder. Profiel, Bedum.
  • U. Woldringh, 1991: ‘Eendenkooien in de Marne’, in:  Gedenkboek Nijverheid 1991. Deel 1. Historie van de Marne. Leens

 

 

Save

 

 

Contactgegevens:

Voor meer informatie over de Kongsi van de Eendenkooi kunt u contact opnemen met 
Landschapsbeheer Friesland

Commissieweg 15
9244 GB  Beetsterzwaag
0512 38 38 00
info@landschapsbeheerfriesland.nl

 

 

© 2018 Kongsi
powered by
Natuurlijk !

 


privacybeleid
gebruikersovereenkomst


De Kongsi van de Eendenkooi wordt mogelijk gemaakt door het Waddenfonds en de provincies Fryslân, Noord-Holland en Groningen.